PR

Engelse versie in deze hashtag

In deze hashtag vindt u de collectie vakliteratuur over stigma en de gevolgen ervan

In deze blog verzamel ik informatie over

  1. persoonlijkheidstesten
  2. discriminatie
  3. Psychische schade ten gevolge van discriminatie 2014-2023

1. PERSOONLIJKHEIDSTESTEN -ONDERZOEK

Wat is een persoonlijkheidsonderzoek? onderstaande tekst vindt u in deze < 2 > hashtag. De website van Psypunt

Citaat: “Voor volwassenen

Een persoonlijkheidsonderzoek is een vorm van psychologisch onderzoek waarin we je persoonlijk functioneren in kaart brengen. Dit kan aangevraagd worden voor volwassenen. Soms nodigen we vertrouwenspersonen mee uit indien aangewezen. Een persoonlijkheidsonderzoek kan een verlengstuk zijn van je consultatie bij een arts/psychiater. Enkel de arts/psychiater kan een diagnose stellen. Wij maken een diagnostische overweging.

Hoe voel jij je? Welke kenmerken typeren jou?  Hoe ga je om met emotionele gebeurtenissen en spanningen? Hoe reageer je bij stress? Hoe functioneer je in relaties met andere mensen? Is er sprake van een bepaalde symptomatologie? Een bepaald patroon in je functioneren, in je gedrag? Moeten we een diagnostische overweging maken? Is er sprake van een bepaalde stoornis, een ziektebeeld? Hoe ervaar je anderen,  je gezin, je werkomgeving, je school? Dit zijn enkele vragen waarop we tijdens het onderzoek een antwoord geven.  Naargelang jouw leeftijd en jouw zorg, kijken we welke persoonlijkheidsvragenlijsten we gebruiken. We observeren jou ook en nemen een klinisch interview af waarin we luisteren naar je motivatie, je doelstelling, de vraag van je arts/psychiater enz.

Een persoonlijkheidsonderzoek helpt je om je eigen gedrag beter te begrijpen, meer te weten te komen over jezelf en waar nodig de juiste aanpak te vinden. De resultaten van het onderzoek brengen we steeds in verband met jouw leeftijd en jouw ruimere context waarin je leeft.

Bij welke vragen?

Een persoonlijkheidsonderzoek kan aangewezen zijn als je je zorgen maakt over volgende zaken:

  • je eigen gedrag (terugtrekken, opstandig, bepaalde patronen van reageren)
  • depressieve stemming
  • angsten
  • slaapproblemen
  • piekeren, omgaan met stress
  • relationele, sociale problemen (omgaan met anderen)
  • …

Duur van het onderzoek

Op jouw vraag (en/of die van de verwijzer) of indien uit het kennismakingsgesprek blijkt dat dit onderzoek aangewezen is, adviseren we een persoonlijkheidsonderzoek. Afhankelijk van je vraag kan het onderzoek variëren tussen 1 à 3 uren of kan het verspreid worden over verschillende testmomenten. Persoonlijkheidsonderzoek kan op zichzelf bestaan, er volgt niet noodzakelijk altijd verdere begeleiding of therapie.

Adviesgesprek na het onderzoek

De testen worden gescoord, verwerkt en een verslag wordt opgemaakt met alle relevante informatie. Tijdens de nabespreking staan we stil bij het persoonlijkheidsprofiel dat naar voor komt. We kijken naar de resultaten, naar de beschrijvingen en of dit overeenkomt met hoe jij jezelf ervaart? Rekening houdend met je voorgeschiedenis en je huidig functioneren binnen jouw ruimere context (gezin, werk, school) wordt een advies geformuleerd. Mogelijks kan je verder na het adviesgesprek, met heel wat meer zelfkennis. Afhankelijk van hoe lang je zorgen over je functioneren er al zijn en wat er uit het onderzoek naar voor komt, kan ook een individuele therapie of kortdurende begeleiding voorgesteld worden. Of in samenspraak met je verwijzende arts/psychiater kan een medicamenteuze ondersteuning aangeboden worden (waar de arts een diagnose stelt). ” Einde Citaat van Psypunt

2. DISCRIMINATIE

Wat zegt de wet over discriminatie en gelijke behandeling?

“In artikel 1 van de Nederlandse Grondwet staat dat iedereen die zich in Nederland bevindt in gelijke gevallen gelijk moet worden behandeld. Je mag niet discrimineren wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook. Daarnaast zijn er specifieke wetten die onze gelijkheid beschermen.”

Gelijkebehandelingswetgeving 

Artikel 1 van de Nederlandse Grondwet richt zich in de eerste plaats tot de overheid. Maar discriminatie tussen burgers onderling is ook verboden. Beide soorten discriminatie zijn geregeld in de volgende gelijkebehandelingswetten: 

  • Wet College voor de Rechten van de Mens 
  • Algemene wet gelijke behandeling 
  • Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte 
  • Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij arbeid 
  • Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen 
  • Wet onderscheid arbeidsduur 
  • Wet onderscheid bepaalde en onbepaalde tijd 

Wet College voor de Rechten van de Mens 

Op 1 oktober 2012 is de Wet College voor de Rechten van de Mens (WCRM) in werking getreden. Bij deze wet is het College voor de Rechten van de Mens opgericht. In de wet zijn de taken, bevoegdheden, samenstelling en werkwijze van het College vastgelegd. Het College doet uitspraken over discriminatie en houdt in Nederland toezicht op mensenrechten. 

Bekijk de volledige tekst van de Wet College voor de Rechten van de Mens.  

Algemene wet gelijke behandeling 

De Algemene wet gelijke behandeling (AWBG) biedt bescherming aan mensen die gediscrimineerd worden op grond van: 

  • godsdienst/levensovertuiging 
  • politieke gezindheid 
  • ras, afkomst 
  • geslacht: man, vrouw, transgender (transseksuelen, travestieten, intersekse personen) 
  • zwangerschap 
  • nationaliteit 
  • hetero-, homo- of biseksuele gerichtheid 
  • burgerlijke staat: gehuwd of ongehuwd, wel of geen geregistreerd partnerschap 

Je kunt alleen bescherming van de AWGB inroepen als het gaat om discriminatie op de volgende terreinen: 

  • Arbeid 
    Bijvoorbeeld hoe je behandeld wordt op het werk, bij de werving en selectie, bemiddeling, ontslag, arbeidsvoorwaarden en promotie. Dit geldt onder meer voor werknemers, sollicitanten, vrijwilligers, uitzendkrachten, oproepkrachten en stagiaires. 
  • Goederen en diensten 
    Bijvoorbeeld op het gebied van wonen, welzijn, gezondheidszorg, cultuur, onderwijs, financiële dienstverlening, verzekeringsdiensten, winkelen, sporten en uitgaan. Dit geldt onder meer voor consumenten, patiënten, studenten, scholieren en leerlingen. 
  • Het vrije beroep 
    Bijvoorbeeld freelancers en zelfstandig ondernemers. 
  • Lidmaatschap vakbond of vereniging van beroepsgenoten  
  • Sociale bescherming 
    Bijvoorbeeld bij uitkeringen of studiefinanciering. Dit geldt voor mensen die vinden dat onderscheid is gemaakt op grond van ras bij de sociale bescherming. 

Bekijk de volledige tekst van de Algemene wet gelijke behandeling. 

Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte 

De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGHB/CZ) biedt bescherming aan mensen die gediscrimineerd worden op grond van een handicap of een chronische ziekte. De wet maakt het verplicht – als hierom is gevraagd – om doeltreffende aanpassingen aan te brengen voor mensen met een handicap of chronische ziekte. Alle langdurige lichamelijke, verstandelijke en psychische beperkingen vallen onder deze wet. Je kunt alleen een beroep doen op deze wet als er sprake is van discriminatie op de volgende terreinen: 

  • Arbeid 
    Bijvoorbeeld hoe je behandeld wordt op het werk, bij de werving en selectie, bemiddeling, ontslag, arbeidsvoorwaarden en promotie. Dit geldt onder meer voor werknemers, sollicitanten, vrijwilligers, uitzendkrachten, oproepkrachten en stagiaires. 
  • Het vrije beroep 
    Bijvoorbeeld freelancers en zelfstandig ondernemers. 
  • Lidmaatschap vakbond of vereniging van beroepsgenoten 
  • Beroepsonderwijs 
    Bijvoorbeeld in het praktijkonderwijs en bij mbo-, hbo- en universitaire opleidingen. Dit geldt onder meer voor leerlingen, scholieren en studenten. 
  • Basis- en voortgezet onderwijs 
    Dit geldt voor scholieren en leerlingen.  
  • Wonen 
    Dit geldt bijvoorbeeld voor huurders en kopers. 
  • Openbaar vervoer 
    Dit geldt onder meer voor trein-, bus- en metroreizigers. 
  • Goederen en diensten 
    Bijvoorbeeld op het gebied van wonen, welzijn, gezondheidszorg, cultuur, onderwijs, financiële dienstverlening, verzekeringsdiensten, winkelen, sporten en uitgaan. Dit geldt onder meer voor consumenten en patiënten. 

Bekijk de volledige tekst van de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte.  

Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij arbeid 

De Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij arbeid (WGBL) biedt bescherming aan mensen die gediscrimineerd worden vanwege hun leeftijd, bijvoorbeeld omdat zij als ‘te jong’ of juist ‘te oud’ worden gezien. Je kunt alleen een beroep doen op deze wet als er sprake is van discriminatie op de volgende terreinen: 

  • Arbeid 
    Bijvoorbeeld hoe je behandeld wordt op het werk, bij de werving en selectie, bemiddeling, ontslag, arbeidsvoorwaarden en promotie. Dit geldt onder meer voor werknemers, sollicitanten, vrijwilligers, uitzendkrachten, oproepkrachten en stagiaires. 
  • Het vrije beroep 
    Bijvoorbeeld freelancers en zelfstandig ondernemers. 
  • Lidmaatschap vakbond of vereniging van beroepsgenoten 
  • Beroepsonderwijs 
    Bijvoorbeeld in het praktijkonderwijs en bij mbo-, hbo- en universitaire opleidingen. Dit geldt onder meer voor leerlingen, scholieren en studenten. 

Bekijk de volledige tekst voor de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij arbeid. 

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen 

De Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen (WGB) behandelt het verschil in behandeling tussen mannen en vrouwen op het werk. Een werkgever mag niet discrimineren bij het aangaan van een arbeidsovereenkomst, de arbeidsvoorwaarden, de arbeidsomstandigheden, de bevordering en het ontslag. Zowel mannelijke als vrouwelijke werknemers kunnen zich beroepen op deze wet. Bijvoorbeeld als je mannelijke collega meer verdient dan jij, terwijl je hetzelfde werk doet. 

Bekijk de volledige tekst van de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen. 

Wet onderscheid arbeidsduur 

De Wet onderscheid arbeidsduur (WOA) is in 1996 in werking getreden. De wet verbiedt een verschil in behandeling tussen deeltijders en voltijders op het werk, tenzij hiervoor een objectieve rechtvaardiging aanwezig is. Zowel werknemers die in voltijd als werknemers die in deeltijd werken kunnen een beroep doen op deze wet als zij ongelijk worden behandeld bij de voorwaarden waaronder een arbeidscontract wordt aangegaan, voorgezet of beëindigd. 

Bekijk de volledige tekst van de Wet onderscheid arbeidsduur. 

Wet onderscheid bepaalde en onbepaalde tijd 

De Wet onderscheid bepaalde en onbepaalde tijd (WOBOT) verbiedt een verschil in behandeling tussen werknemers met een vast arbeidscontract en werknemers met een tijdelijk arbeidscontact, tenzij hiervoor een objectieve rechtvaardiging aanwezig is. Je kunt een beroep doen op deze wet als je werkgever je bij de arbeidsvoorwaarden anders behandelt dan andere werknemers. 

Wanneer mag er wel onderscheid worden gemaakt?

In sommige gevallen mag wel onderscheid worden gemaakt. Deze uitzonderingen zijn binnen de hier genoemde wetten opgenomen. Als het College wordt gevraagd een oordeel te geven over ongelijke behandeling, dan toetsen wij of er inderdaad sprake is van een uitzonderingssituatie. 

Objectieve rechtvaardiging 

Werkgevers kunnen direct en indirect onderscheid maken. Direct onderscheid is onderscheid op een van de discriminatiegronden. Denk aan afkomst, geslacht, huidskleur, seksuele voorkeur, leeftijd, religie, handicap of chronische ziekte. Dit is verboden, tenzij de wet een uitzondering maakt. Direct onderscheid door leeftijd, arbeidsduur en soort contract (vast of tijdelijk contract) is bijvoorbeeld toegestaan als er een goede reden voor is. Dit noemen we een objectieve rechtvaardiging.

Objectieverechtvaardigingstoets 

Om te controleren of een werkgever een goede reden heeft, maakt het College gebruik van de objectieverechtvaardigingstoets. Op hoofdlijnen stellen we dan twee vragen: 

  1. Waarom wordt het onderscheid gemaakt, oftewel: wat is het doel? 
  2. Waarom wordt er op deze manier onderscheid gemaakt, oftewel: wat is het middel? 

Is het onderscheid objectief gerechtvaardigd? Dan is er geen sprake van discriminatie. 

Uitzonderingen bij de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij arbeid 

De Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij arbeid (WGBL) kent twee uitzonderingen waarbij leeftijdsonderscheid bij voorbaat als objectief gerechtvaardigd wordt beschouwd: 

  1. Leeftijdsonderscheid in het kader van arbeidsmarkt- en werkgelegenheidsbeleid dat bij of krachtens wet is vastgesteld. 
  2. Beëindiging van een arbeidsverhouding bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd of op een later moment dat door beide partijen is afgesproken. 

Voorkeursbeleid 

Een werkgever mag bij de werving en selectie een voorkeursbeleid voeren voor vrouwen, mensen van niet-Nederlandse afkomst en mensen met een handicap of chronische ziekte. Het maken van onderscheid is dan toegestaan. Voorkeursbeleid is bedoeld om feitelijke achterstanden van deze groepen op te heffen of te verminderen. Voorkeursbeleid moet wel aan vier criteria voldoen: 

  1. De achterstand van de te bevoorrechten groep moet in het concrete geval aannemelijk worden gemaakt (de eis van aantoonbare achterstand). 
  2. Bij de aanbieding van een functie moet duidelijk worden vermeld dat een voorkeursbeleid wordt gevoerd en dat de vacature voor iedereen open staat (herkenbaarheidsvereiste). 
  3. Er moet een objectieve beoordeling van alle kandidaten plaatsvinden. Hierbij wordt rekening gehouden met de mate waarin ieder van de kandidaten aan de functie-eisen voldoet. Benoeming van een kandidaat uit de voorkeursgroep kan alleen plaatsvinden bij gelijke geschiktheid van de kandidaat (het zorgvuldigheidsvereiste). 
  4. De zwaarte van de voorkeursmaatregel moet kunnen worden gerechtvaardigd door de mate van achterstand (het evenredigheidsvereiste). 

Bescherming van de veiligheid en de gezondheid van de gehandicapte/chronische zieke 

Het verbod van onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte geldt niet als dit onderscheid nodig is om de veiligheid en de gezondheid van de gehandicapte/chronische zieke te beschermen. Dit wordt dan als een uitzondering gezien. 

Gevallen waarin ras, geslacht of nationaliteit bepalend is  

Situaties waarbij op grond van ras, geslacht of nationaliteit onderscheid mag worden gemaakt, zijn naast bovengenoemde uitzonderingen beperkt opgenomen in het Besluit gelijke behandeling en het Besluit beroepsactiviteiten. 

Gevallen waarin ras of geslacht bepalend is 

Er zijn situaties denkbaar waarbij voor bepaalde functies een vrouw of iemand met bepaalde afkomst nodig is. Je mag bijvoorbeeld op zoek gaan naar een zwarte acteur om de rol van Martin Luther King te spelen. In dat geval is huidskleur bepalend voor werving en levert het selecteren van iemand op basis van zijn huidskleur geen discriminatie op. 

Daarnaast kan onderscheidt zijn toegestaan als het gaat om beroepen die vanwege hun aard juist door een man of juist door een vrouw moeten worden uitgeoefend. Zo mag een werkgever een vrouw werven voor de persoonlijke verzorging van een vrouw die in een kleine woonvoorziening woont. 

Onder bepaalde omstandigheden mogen bepaalde diensten ook uitsluitend worden verleend aan mannen of vrouwen. Zo mag een man de toegang worden geweigerd tot een badhuis dat enkel toegang verleent aan vrouwelijke bezoekers. 

Gevallen waarin nationaliteit bepalend is 

Het komt niet vaak voor dat de nationaliteit van een persoon bepalend is. Het kan bijvoorbeeld zijn dat alleen Nederlanders mogen deelnemen aan wedstrijden van een sportteam dat Nederland vertegenwoordigt. In dat geval mag men onder voorwaarden deelnemers selecteren op basis van hun nationaliteit. 

Bescherming van de vrouw 

In situaties waarbij bijvoorbeeld de gezondheid van de vrouw bescherming nodig heeft, mag onderscheid worden gemaakt. Het moet dan wel gaan om gevallen waarin geen twijfel bestaat over de noodzaak om het onderscheid te maken. Je kunt denken aan de geneeskundige behandeling of verzorging in verband met zwangerschap en moederschap.  

Organisaties en scholen met een godsdienstige, levensbeschouwelijke of politieke grondslag 

Er zijn werkgevers die vanwege hun godsdienstige, levensbeschouwelijke of politieke grondslag personeel willen aannemen dat aansluit bij die grondslag. Zo wil een katholieke school een leraar kunnen aannemen die de katholieke grondslag onderschrijft. Daarnaast willen scholen die een godsdienstige of levensbeschouwelijke grondslag hebben (bijzonder onderwijs), ook de mogelijkheid hebben om voorwaarden te stellen bij de toelating van leerlingen op hun school. De openbare scholen hebben deze mogelijkheid niet. Voor bijzondere scholen geldt dat zij onderscheid mogen maken als dat nodig is om hun grondslag te verwezenlijken. Ze moeten dan aan alle drie van de onderstaande voorwaarden voldoen: 

  • Het beleid van de instelling moet berusten op de grondslag en moet in de praktijk daadwerkelijk gestalte krijgen. 
  • Het beleid moet noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de grondslag. 
  • Het beleid moet consequent worden uitgevoerd en gehandhaafd. 

Rechtsverhoudingen binnen kerkgenootschappen en het geestelijk ambt 

De gelijkebehandelingswetten zijn niet van toepassing op rechtsverhoudingen binnen kerkgenootschappen en het geestelijk ambt. Het College is bijvoorbeeld niet bevoegd om een oordeel te geven over het handelen van een opleidingsinstituut van een kerkgenootschap dat een student weigert in te schrijven, bijvoorbeeld omdat hij wil gaan samenwonen. 

Werkverhouding met een privékarakter 

Als aan bepaalde voorwaarden is voldaan, geldt het verbod van onderscheid niet als de werkverhouding een privékarakter heeft. Hiervan zou sprake kunnen zijn in situaties van persoonlijke verzorging binnen de eigen huishouding door een privépersoon.  

Onderscheid op grond van politieke gezindheid 

Onder voorwaarden geldt het verbod van onderscheid op grond van politieke gezindheid niet bij de vervulling van vertrouwensfuncties en functies in bestuurs- en adviesorganen. 

Onderscheid op grond van burgerlijke staat bij nabestaandenpensioenvoorzieningen 

Het verbod van onderscheid op grond van burgerlijke staat geldt niet bij nabestaandenpensioenvoorzieningen. Bijvoorbeeld als een pensioenfonds de partner van een deelnemer weigert aan te merken als begunstigde van een partnerpensioen, omdat zij niet gehuwd zijn. 

3. PSYCHISCHE SCHADE TEN GEVOLGE VAN DISCRIMINATIE

Kennisplatform inclusief samenleven

Kennisplatform inclusief samenleven => “Discriminatie ervaren gaat gepaard met een minder goede fysieke gezondheid en vooral een minder goede psychische gezondheid. Dat komt naar voren in diverse studies. Er is in het buitenland ook specifiek onderzoek gedaan naar discriminatie ten aanzien van kinderen. Het ervaren van discriminatie als kind, gaat vaak gepaard met het ervaren van een slechtere gezondheid onder kinderen en met meer externaliserend probleemgedrag zoals gewelddadig of delinquent gedrag. Discriminatie is dus niet alleen schadelijk voor het slachtoffer zelf maar kan ook negatieve effecten hebben voor de omgeving.

Fysiek en psychische schade

In Nederland is er nog minder onderzoek beschikbaar maar het onderzoek dat er is laat zien dat ook voor de Nederlandse context opgaat dat discriminatie slecht is voor de gezondheid. Zo blijkt uit een Nederlandse studie onder jongvolwassenen van Marokkaanse afkomst, dat ervaren discriminatie en het ervaren van sociaal falen, een significant verband kent met depressieve symptomen. Recent vestigde Oneworld aandacht op het thema en op het proefschrift van Umar Ikram (2016) waaruit blijkt dat ook etnische minderheden in Nederland veel discriminatie ervaren en daardoor meer last hebben en zullen krijgen van psychiatrische klachten en hart- en vaatziektes. Dat discriminatie slecht is voor gezondheid en welzijn, lijkt niet alleen op te gaan als het gaat om discriminatie op grond van afkomst of huidskleur maar ook op grond van seksuele voorkeur en genderidentiteit. Bekend is dat lesbische vrouwen en homomannen vaker last hebben van psychische klachten dan de rest van de bevolking. Onder meer het meemaken van negatieve reacties is een factor die een slechtere gezondheid voorspelt voor homomannen en lesbische vrouwen. En 73 procent van de transgender jongeren, zo blijkt uit een kleine steekproef, heeft te maken met psychische problemen.

Stress en spanning

Dat discriminatie leidt tot een slechtere gezondheid komt omdat het ervaren ervan leidt tot stress en spanningen en die tasten de gezondheid weer aan. Ook is dit de beredenering van een bekend wetenschappelijk model: het minderheidstressmodel. Dit model wordt met name toegepast op LHBTI-personen maar kan ook worden gebruikt als het gaat om mensen die in de minderheid zijn vanwege hun afkomst of huidskleur. Het model voorspelt dat de gezondheid van mensen die in de minderheid zijn slechter wordt als ze onder meer (1) discriminatie ervaren, (2) bang zijn voor discriminatie en (3) zichzelf als minderwaardig beschouwen aan mensen die in de meerderheid zijn. ” einde citaat Kennisplatform inclusief samenleven

Hashtag Canadian Mental health Association